Woensdag 18 maart - Lijst 2 (D66) - Nr. 27

10 maart 2026

Parkeren: vrijheid versus ruimte in de stad


Hoe kan iets wat rijdend vrijheid geeft, stilstaand zoveel discussie opleveren?

Laat ik beginnen met iets wat in deze discussie soms niet duidelijk . De auto staat voor veel mensen voor vrijheid en welvaart. En eerlijk gezegd snap ik dat heel goed. Een auto is gewoon ontzettend handig. Mijn perfecte automoment is om drie uur ’s nachts met slapende kinderen achterin richting Frankrijk te rijden. De weg leeg, koffie mee, de zon tegemoet. Dat is mijn ideale begin van de vakantie.

Een auto die rijdt is fijn. Maar een auto die ergens staat geparkeerd is vooral een object dat ruimte inneemt. En juist die ruimte is in een stad schaars.

De afgelopen weken ben ik met flyers in mijn hand veel de straat op gegaan om met bewoners in gesprek te gaan. Eén onderwerp kwam daarbij opvallend vaak terug: parkeren. Het is zonder twijfel één van de heetste hangijzers in de lokale politiek.

Referendum, doen ze daar niks mee?

Als je er wat dieper op ingaat, merk je dat mensen om heel verschillende redenen tegen het parkeerbeleid zijn. Soms gaat het over kosten. Soms over bereikbaarheid. En heel vaak over het gevoel dat het referendum over parkeren naast zich neer is gelegd.

Dat sentiment hoor ik regelmatig. Maar het referendum heeft de plannen wel degelijk veranderd. De gemeenteraad heeft het oorspronkelijke voorstel aangepast met een amendement. Daardoor is vastgelegd dat gereguleerd parkeren niet zomaar overal wordt ingevoerd.

Sterker nog: voor een aantal wijken is expliciet besloten dat dit voorlopig niet gebeurt.

Voor de wijken Kattenbroek, Hoogland, Hooglanderveen, Nieuwland en Vathorst (met uitzondering van Bovenduist) geldt dat gereguleerd parkeren in principe pas na 2035 aan de orde kan zijn.

Het beeld dat straks overal in Amersfoort betaald parkeren komt, klopt dus simpelweg niet.

Maar eerlijk is ook eerlijk: het kan wel. Als er duidelijke parkeeroverlast ontstaat, als bewoners er zelf om vragen, of als er grote veranderingen in een wijk plaatsvinden. Parkeerdruk kan immers veranderen.

Een wat? Een GROP.

Dat klinkt eerlijk gezegd een beetje als zo’n brok die tussen je neus en keel hangt als je echt goed verkouden bent.

Die regeling geldt voor appartementen waar bij de bouw al een parkeerplaats in een garage is meegeleverd. In dat geval is afgesproken dat bewoners geen parkeervergunning voor de straat krijgen.

We kunnen in een stad simpelweg niet garanderen dat elk huishouden zoveel auto’s op straat kan parkeren als het wil. Daar is de ruimte gewoon niet voor.

Prima toch? Huizen bouwen voor huishoudens zonder auto. Dat is in Amersfoort zo’n 28% van de huishoudens.

Wat me tijdens de gesprekken ook opviel, is dat veel mensen denken dat overal dezelfde regels gelden. Dat is niet zo. Amersfoort werkt met verschillende parkeerzones met verschillende regels.

Neem bijvoorbeeld Schothorst (zone 4). Daar hoor ik vaak: “Hier is helemaal geen parkeerprobleem, en straks moeten we de hele dag betaald parkeren.”

Maar zo werkt het systeem daar niet.

In zone 4 geldt gereguleerd parkeren alleen tussen 06.00 en 11.00 uur. Daarna is parkeren gewoon gratis.

Die regeling is vooral bedoeld om forenzen tegen te gaan die hun auto ’s ochtends in de wijk neerzetten. Voor bewoners en bezoekers verandert er daarna dus weinig. Na 11 uur kun je gewoon vrij parkeren.

Dat is een detail dat in veel gesprekken naar voren kwam, omdat veel mensen denken dat betaald parkeren daar de hele dag geldt.

Natuurlijk zitten er ook nadelen aan het systeem.

Een parkeervergunning kost ongeveer 30 euro per jaar. Dat is voor de meeste mensen nog wel te overzien. Maar voor een tweede auto loopt dat op naar ongeveer 300 euro per jaar. Dat voelt voor sommige huishoudens als een flinke stap.

Een ander punt dat vaak terugkomt is het aanmelden van bezoek. Bezoekers kunnen parkeren voor ongeveer 30 cent per uur, maar je moet ze wel eerst aanmelden. Dat is gewoon gedoe. Dat vind ik ook… gedoe.

Voor winkeliers verandert er ook iets. In sommige gebieden moet je straks betalen bij een parkeerautomaat. Tegelijk hoor je van ondernemers ook een ander geluid. Als parkeren gereguleerd wordt, zijn er vaak juist meer plekken beschikbaar, omdat langparkeerders verdwijnen. Waar je vroeger misschien geen plek kon vinden, kun je straks wel parkeren.

Draai het terug!

Wat ook vaak gezegd wordt door andere politieke partijen is: draai het gewoon weer terug.

Maar als je daar iets langer over nadenkt, wordt dat ingewikkelder.

In wijken waar vergunningparkeren al bestaat, zoals Kruiskamp en het begin van het Soesterkwartier, zijn veel bewoners er juist tevreden over. Zij willen er niet meer vanaf, ze zijn de overlast net kwijt.

En in de binnenstad al helemaal niet. Absoluut niet.

Maar dan gaan mensen parkeren in de wijk die daarnaast ligt, en dan daarnaast, en dan… Het is net een waterbed. Als je met je vinger ergens drukt, komt het ergens anders omhoog.

En ondertussen verandert de stad ook gewoon. In het Soesterkwartier komen de komende jaren bijvoorbeeld meer woningen bij. Nu is het parkeren daar al een beetje een ratjetoe van bewoners, bezoekers en mensen van buiten de wijk. Met meer bewoners wil je in de toekomst wel iets kunnen sturen.

De gesprekken die ik de afgelopen weken heb gevoerd laten vooral zien hoe verschillend mensen naar parkeren kijken. En dat is logisch.

Maar de vraag die bij het referendum werd gesteld, “Vindt u dit nieuwe parkeerbeleid een goed idee voor de stad?”, is eigenlijk niet de beste vraag.

Een betere vraag zou misschien zijn: willen we ruimte voor groen, voor woningen, voor een fijne openbare ruimte?

Zonder enige vorm van parkeerbeleid loopt een stad uiteindelijk vast. En dat wil eigenlijk niemand. Ook de partijen die kritisch zijn op het huidige beleid niet. Parkeren gaat uiteindelijk niet alleen over auto’s. Het gaat over hoe we de ruimte in onze stad gebruiken.

En die ruimte zullen we met elkaar moeten delen.